Uit het boek · Hoofdstuk 2
De kunst van het terugveren
Aad van Toor en zijn broer Bas (van Bassie en Adriaan) hadden als jongens weer eens iets uitgehaald. Toen ze thuiskwamen, was hun moeder zo kwaad dat ze een pantoffel naar hen gooide. Die vloog per ongeluk in de lamp.
“Ze moest daar zo ontzettend om lachen! En als je lacht, kun je niet kwaad zijn.”
Het gezin was straatarm en de vader van Aad overleefde de oorlog niet. Zijn moeder, “een klein emotioneel vrouwtje dat een zwaar leven had”, hield volgens Aad stand door haar humor. Die les nam hij mee. Decennia later, na kanker en een bypassoperatie, kijkt hij terug op zijn leven als:
“Niet maar een paar gelukkige momenten, maar een aaneenschakeling van geluksmomenten. Ik heb het heel goed, en dat realiseer ik me ook.”
Fragment uit Gelukkig ben je geen 20 meer — Lauke Bisschops & Mattheis van Leeuwen.

Gelukkig ben je geen 20 meer
Lauke Bisschops & Mattheis van Leeuwen
Verschijnt in februari 2027 bij Uitgeverij Kosmos.
